Het Circle - spel ©Muziekprogramma voor kinderen Ruud Mourik en Patricia Gulpen |
||||||||||||||||||||||||
| Algemene lesinstructies | ||||||||||||||||||||||||
| Afbeeldingen van ritmewoorden | klik hier | ||||||||||||||||||||||||
| 1. Ritmewoorden. Woorden zijn op te delen in lettergrepen, die volgens een bepaalde metrische structuur met elkaar samenhangen. Dus net zoals muziek, bevatten ook woorden ritme. Het gebruik van ritmewoorden helpt kinderen om langere ritmes na te spelen en traint tevens hun auditieve vaardigheden. Door de kinderen afbeeldingen van de woorden te laten zien, kunt u ze gemakkelijker bepaalde ritmes leren spelen. Een paar voorbeelden zoal in het lesboek beschreven 1 slag: leeuw 2 slagen: brul - aap 3 slagen: o - li - fant Indien mogelijk kunnen ook 4 - en 5 - lettergrepige woorden worden geoefend. 4 slagen: o - li - fan - ten 5 slagen: si - naas - ap - pel – sap 2. Cijferkaarten Net zoals ritmewoorden kunnen ook cijfers worden gebruikt om het spelen en herkennen van ritmepatronen te oefenen. Elk cijfer verwijst dan naar een bijbehorend ritmewoord. Cijfer 2 staat voor ‘brul-aap’ (2 kwart noten), cijfer 3 staat voor ‘o-li-fant’ (2 achtste en een kwart noot) en cijfer 4 staat voor ‘o-li-fan-ten’ (4 achtste noten). (zie ook het lesboek “Cijfers Wo(o)rden Noten”) Cijferkaarten bestaan uit combinaties van meerdere cijfers en kunnen worden gebruikt om langere ritmepatronen te oefenen. 3. Visualiseren geluidskenmerken De begrippen ‘hard-zacht’, ‘hoog - laag’, ‘kort - lang’ en ‘langzaam - snel’ zijn vaak abstracte begrippen voor dove en slechthorende kinderen. Door het gebruik van voorwerpen en afbeeldingen krijgt het kind een beeld bij de begrippen en wordt het gemakkelijker en leuker om de oefeningen uit te voeren. Binnen het Circle-spel worden binnen de niveaus A en B de volgende voorwerpen gebruikt: Kenmerk hard-zacht: grote aap-kleine aap Kenmerk langzaam-snel: schildpad-haas Voor niveau C worden de volgende afbeeldingen gebruikt:
|
||||||||||||||||||||||||